Niet-gouvernementele organisaties die zich inzetten voor bescherming van de menselijke gezondheid kunnen weldra, net als milieubeschermingsorganisaties, als ‘betrokken publiek’ optreden bij omgevingsvergunningen. Daarmee wordt de kring van organisaties die zich tegen een vergunningsbeslissing kunnen verzetten, uitgebreid. Dat geeft een nieuwe dimensie aan toekomstige vergunningsprocedures.

Het Omgevingsvergunningsdecreet (OVD) omschrijft het betrokken publiek als (rechts)personen, verenigingen of organisaties die gevolgen ondervinden of waarschijnlijk zullen ondervinden van een omgevingsvergunning, of die belang hebben bij de beslissing daarover (artikel 2, 1° OVD).
Die hoedanigheid van betrokken publiek geeft hen verschillende mogelijkheden om betrokken te zijn bij een vergunningsprocedure. Zo kunnen zij tijdens het openbaar onderzoek hun standpunten, opmerkingen en bezwaren kenbaar maken. Onder bepaalde voorwaarden kunnen zij ook administratief beroep instellen tegen een beslissing in eerste administratieve aanleg of beroep bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen tegen een beslissing in laatste administratieve aanleg.
Het statuut van ‘betrokken publiek’ geeft derden dus een formele plaats in de vergunningsprocedure, van inspraak tijdens het openbaar onderzoek tot het aanvechten van een vergunningsbeslissing.
Voor bepaalde niet-gouvernementele organisaties (NGO’s) geldt daarbij een belangrijk vermoeden, namelijk dat zij worden geacht belanghebbende te zijn. Tot vandaag geldt dat vermoeden alleen voor NGO’s die zich inzetten voor milieubescherming.
Een wijzigingsdecreet van 10 juli 2026, dat de herziene Europese Richtlijn Industriële Emissies (RIE 2.0) omzet in Vlaamse regelgeving, breidt het bestaande vermoeden uit naar NGO’s die zich inzetten voor de bescherming van de menselijke gezondheid.
Voortaan worden dus niet alleen NGO’s die zich inzetten voor milieubescherming geacht belanghebbende te zijn, maar ook gezondheidsorganisaties. Deze wijziging past binnen de bredere Europese regels over inspraak en toegang tot de rechter in milieuaangelegenheden en sluit aan bij het Verdrag van Aarhus.
De uitbreiding betekent niet dat elke vereniging die zich op gezondheid richt, zonder meer beroep zal kunnen instellen. Ook voor gezondheidsorganisaties blijven de voorwaarden van het OVD en de toepasselijke ontvankelijkheidsvereisten gelden.
De rechtspraak van de Raad voor Vergunningsbetwistingen over verenigingen biedt daarbij al enkele aanknopingspunten. Zo speelt onder meer een rol of de vereniging een voldoende specifiek collectief belang nastreeft, of dat belang wordt geraakt door de bestreden beslissing en of de vereniging daadwerkelijk en duurzaam actief is overeenkomstig haar statutair doel.
Hoe deze criteria precies zullen worden toegepast op gezondheidsorganisaties die zich voor het eerst op het nieuwe vermoeden kunnen beroepen, zal de toekomstige rechtspraak van de Raad moeten uitwijzen.
Het decreet is intussen definitief. Het Vlaams Parlement nam de tekst aan op 8 juli 2026 en het decreet werd op 10 juli 2026 bekrachtigd en afgekondigd. Het werd vervolgens gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 13 augustus 2026.
De nieuwe regeling is echter nog niet in werking. Artikel 23 bepaalt dat het decreet in werking treedt op een datum die de Vlaamse Regering vaststelt. Stelt de Vlaamse Regering geen eerdere datum vast, dan treedt de regeling uiterlijk op 1 januari 2027 in werking.
Op vandaag werd geen eerdere datum van inwerkingtreding vastgesteld. Gezondheidsorganisaties kunnen zich dus voorlopig nog niet op de nieuwe categorie van het betrokken publiek beroepen.
Voor bedrijven en ontwikkelaars brengt dit met zich mee dat de kring van potentiële beroepsindieners binnenkort ruimer wordt. Naast milieuverenigingen kunnen ook gezondheidsorganisaties zich, zodra de nieuwe regeling in werking is getreden, op hun statuut als betrokken publiek beroepen.
Voor gezondheidsorganisaties luidt de boodschap dat wie overweegt om op te treden tegen een omgevingsvergunning, met mogelijke gevolgen voor de menselijke gezondheid, er goed aan doet om nu al na te gaan of het statutair doel, de concrete werking en het werkingsgebied dit toelaten.
Onze specialisten van Team Real Estate volgen de verdere inwerkingtreding op en adviseren u graag over de impact ervan op lopende en toekomstige vergunningsprocedures.
Ik zoek een expert in

05.10.2026
•NEWS FROM THE FIRM
Met plezier kondigen wij aan dat het kantoor van Luc Herve Andersen in Belgium heeft vervoegd. Andersen opende in september een nieuw kantoor in Luik. Luc Herve, fiscalist, professor en erkend bemiddelaar, is er actief als Partner. Samen met hem vervoegt ook Jérémy Lerusse Andersen als Associate. Beiden zijn advocaat aan de Balie van Luik.

01.10.2026
•Vastgoed, Huur en Mede-eigendom, Andersen in Belgium
Op 21 september 2026 verscheen in het Belgisch Staatsblad het koninklijk besluit van 20 juli 2026 tot goedkeuring van het nieuwe reglement van plichtenleer van het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars (BIV), beter bekend als de deontologische code. De nieuwe code treedt in werking op 1 oktober 2026, de dag waarop het reglement van 2018 wordt opgeheven.

29.09.2026
•Ruimtelijke Ordening en Milieu, Andersen in Belgium
Een ontwikkelaar die meebetaalt aan de opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) kan daarmee zijn vergunning op losse schroeven zetten. Dat blijkt uit een arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen van 17 september 2026. De uitspraak treft een praktijk die in heel Vlaanderen wijdverspreid is.

08.09.2026
•Vastgoed, Huur en Mede-eigendom, Andersen in Belgium
Verhuurt u een woning met ernstige kwaliteitsgebreken? Dan riskeert u strafrechtelijke vervolging. Vanaf vandaag worden de straffen voor krotverhuur aanzienlijk verhoogd. Een geldboete kan oplopen tot 800.000 euro bij verzwarende omstandigheden. Tegelijk krijgt de rechter meer ruimte om de straf af te stemmen op de ernst van de feiten.