Vanaf 1 januari 2025 zijn verhuurders in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest verplicht om woninghuurovereenkomsten (eveneens) te registreren in een nieuw gewestelijk systeem. Opgelet, deze verplichte registratie vervangt niet de federale registratie via MyRent. De federale registratieverplichting blijft eveneens gelden. Met deze nieuwe eigen gewestelijke registatieverplichting wenste de Brusselse regering een gedetailleerdere aanpak te introduceren, specifiek afgestemd op de Brusselse huurmarkt.

Het nieuwe systeem, beheerd door de Gewestelijke Dienst voor de registratie van huurovereenkomsten, vereist dat verhuurders een aantal documenten en gegevens indienen.
1.1 Welke documenten moeten geregistreerd worden?
1.2. Welke gegevens moeten ingevoerd worden?
Bij de registratie moeten verhuurders ook metadata over de huurovereenkomst invoeren, waaronder:
Deze uitgebreide gegevensregistratie dient volgens de Brusselse regering om zowel juridische zekerheid te bieden aan beide partijen als om het gewest te ondersteunen bij beleidsvoering, zoals de transparantie van de huurmarkt en leegstandsbestrijding.
2.1 De verantwoordelijkheid voor registratie
Het blijft de verantwoordelijkheid van de verhuurder om de huurovereenkomst binnen twee maanden na ondertekening te registreren. Indien dit niet gebeurt, kan de huurder de registratie op zich nemen. Op zich is dit niet nieuw, maar de Brusselse verhuurder dient er wel over te waken dat hij in het juiste platform tot registratie overgaat. Zoals al gemeld blijft ook de federale registratie via het andere federale platform van Myrent bestaan.
2.2 Kosteloze registratie
Het nieuwe Brusselse registratiesysteem is gratis.
2.3 Geen boetes, maar wel sancties
Hoewel er geen financiële boetes meer zijn bij laattijdige registratie, kunnen er wel burgerrechtelijke gevolgen optreden, zoals het verlies van het recht op huurindexering of de mogelijkheid om bepaalde opzeggingsclausules in te roepen.
2.4 Digitale en alternatieve registratie
Registratie gebeurt in principe elektronisch via een gewestelijk platform. Voor natuurlijke personen zonder digitale middelen zijn er alternatieven zoals registratie per post of via een afspraak bij een loketdienst.
De inhoud van de registratie is niet vrijblijvend. Een incomplete of niet-geregistreerde overeenkomst kan niet alleen juridische onzekerheid veroorzaken, maar ook financiële gevolgen hebben. Denk bijvoorbeeld aan:
Daarnaast vereist de Brusselse registratie meer details dan de federale registratie, zoals uitgebreide informatie over de woning en het energiecertificaat. Het is belangrijk om voorbereid te zijn op deze nieuwe verplichtingen.
Onze juridische experts staan klaar om verhuurders te ondersteunen bij de overgang naar het nieuwe registratiesysteem.
Wij bieden:
Bent u klaar voor de nieuwe Brusselse registratieplicht? Laat ons u begeleiden, zodat u zonder zorgen aan alle eisen voldoet: info@be.Andersen.com of +32 2 747 40 07.
Ik zoek een expert in

28.07.2026
•Handels- en Economisch Recht, Andersen in Belgium
Sinds 1 juli 2026 geldt voor invoer van goederen met geringe waarde uit derde landen een nieuwe douaneregeling. Verordening (EU) 2026/382 van de Raad van 11 februari 2026 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1186/2009 wat betreft de afschaffing van de op een drempel gebaseerde vrijstelling van douanerechten, schaft de vrijstelling van invoerrechten voor zendingen met een intrinsieke waarde van minder dan € 150 af. Tegelijkertijd wordt, als overgangsmaatregel, in bepaalde gevallen een forfaitair douanerecht van € 3 per artikel ingevoerd. Deze hervorming vormt een van de eerste onderdelen van de ingrijpende hervorming van de Europese douane-unie die de Europese Commissie heeft opgestart om de douaneregels aan te passen aan de sterke groei van de wereldwijde e-commerce.

10.07.2026
•Fiscaal recht, Andersen in Belgium
De programmawet van 30 mei 2026 heeft - met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 - een voorwaarde toegevoegd aan de forfaitaire raming van de kosten die aftrekbaar zijn van de bruto-inkomsten uit auteursrechten en naburige rechten.

08.07.2026
•Vastgoed, Huur en Mede-eigendom, Andersen in Belgium
Mag een verhuurder een kandidaat-huurder weigeren omdat diens inkomen minder bedraagt dan drie keer de huurprijs? Die vraag staat al jaren centraal in het debat over discriminatie bij verhuur. In een arrest van 30 maart 2026 heeft de Raad van State zich voor het eerst expliciet uitgesproken over deze zogenaamde "driemaalregel". Het arrest biedt belangrijke verduidelijking voor verhuurders, vastgoedinvesteerders en vastgoedmakelaars. De Raad van State beslist niet dat de driemaalregel in alle omstandigheden automatisch toegelaten is. Wel oordeelt de Raad dat het hanteren van een inkomensvereiste van drie keer de huurprijs en lasten niet op zichzelf disproportioneel is en dus niet zonder meer als verboden discriminatie op grond van vermogen kan worden beschouwd.

08.07.2026
•Handels- en Economisch Recht, Andersen in Belgium
Op 20 mei 2026 heeft de Belgische Raad van State in drie richtinggevende arresten (nrs. 266.735, 266.736 en 266.737) geoordeeld dat het Belgische verbod om de termen soldes, solden, sales en Schlussverkauf te gebruiken buiten de wettelijke winter- en zomersoldenperiodes onverenigbaar is met het recht van de Europese Unie en niet langer kan worden gehandhaafd.