NL
EN
FR
Belgium
Terug naar artikelen

Vlaanderen heeft een nieuwe regelgeving in verband met publieke vastgoedtransacties

17 januari 2025

Op 1 juni 2024 trad een nieuw Vlaams decreet van 8 maart 2024 in werking dat voorziet hoe onroerende domeingoederen vervreemd worden en zakelijke rechten hierop worden gevestigd en vervreemd. De bedoeling van dit decreet is een duurzaam, consistent en doelmatig juridisch kader te creëren waarbinnen entiteiten van de Vlaamse overheid onroerende domeingoederen kunnen vervreemden, alsook zakelijke rechten hierop kunnen vestigen en vervreemden. Het voornaamste gevolg van dit decreet is dat voortaan alle Vlaamse overheidsinstanties en entiteiten welbepaalde publiciteitsverplichtingen moeten naleven naar aanleiding van hun publieke vastgoedtransacties, terwijl dat voordien enkel het geval was voor een meer beperkte kring van instanties.

Vlaanderen heeft een nieuwe regelgeving in verband met publieke vastgoedtransacties

1. Inzake publieke vastgoedtransacties in het algemeen

Met de term “publieke vastgoedtransacties” wordt bedoeld het verkopen, het overgaan tot een grondruil, het vestigen van zakelijke rechten zoals erfpacht of opstal, het huren of verhuren, enzovoort, van gronden en/of gebouwen die behoren tot de eigendom van de overheid. 

Van belang om te weten is dat publieke vastgoedtransacties in principe niet onderworpen zijn aan de overheidsopdrachtenwetgeving, waardoor de stringente regels van deze wetgeving niet moeten worden nageleefd.  

In uitzonderlijke gevallen zal een publieke vastgoedtransactie als een overheidsopdracht worden beschouwd. Dat zal het geval zijn wanneer een transactie gepaard gaat met het verzoek van de overheid om bepaalde werken of verbeteringen aan het goed uit te voeren en het hoofdvoorwerp van de overeenkomst voldoet aan de definitie van een overheidsopdracht voor werken. De betrokken overheid zal in dat geval de overheidsopdrachtenwetgeving moeten naleven en de hierin bepaalde procedures moeten volgen. Concreet wil dit zeggen dat de transactie zal moeten worden bekendgemaakt en in mededinging moet worden geplaatst.

Publieke vastgoedtransacties blijven uiteraard steeds onderhevig aan de basisprincipes van gelijkheid, non-discriminatie en transparantie, ook als deze niet onder de overheidsopdrachtenwetgeving vallen. 

De naleving van het transparantiebeginsel houdt in de eerste plaats in dat aan het contract voorafgaandelijk de nodige publiciteit wordt gegeven.

2. De voorgangers van het nieuwe decreet inzake publieke vastgoedtransacties

In het verleden werden betreffende onroerende overheidstransacties al diverse instrumenten uitgevaardigd, waardoor ook transacties die niet onder de overheidsopdrachtenwetgeving vielen tot op bepaalde hoogte het voorwerp moesten uitmaken van publiciteitsmaatregelen. 

Zo kan worden verwezen naar het Decreet van 30 november 2018 betreffende het vervreemden van onroerende domeingoederen of artikel 293 van het Decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, waarin reeds bepaalde  principes van mededinging, transparantie en evenredigheid naar voor werden geschoven.

Deze bepalingen werden door de Vlaamse Regering verder geconcretiseerd in de Omzendbrief KB/ABB 2019/3 over de transacties van onroerende goederen door lokale en provinciale besturen en door besturen van de erkende erediensten. Deze omzendbrief bevat diverse richtlijnen met betrekking tot de procedure die deze overheden moeten volgen bij het beheer van en de beschikking over hun onroerend patrimonium.

3. Wat zijn de impact en de gevolgen van dit nieuwe decreet?

Het nieuwe decreet creëert voor Vlaamse overheidsinstanties een duidelijk(er) regelgevend kader, en voorziet in een uitdrukkelijke rechtsgrond voor de toepassing van de principes van transparantie en eerlijke mededinging ten aanzien van alle publieke vastgoedtransacties. 

Het decreet voorziet eerst en vooral in een uitbreiding tot alle Vlaamse overheidsinstanties van de verplichting tot openbaarmaking door “passende en evenredige publiciteitsmaatregelen”, die reeds was voorzien in het Decreet van 30 november 2018. Voordien ontsnapten een aantal overheidsinstanties immers aan het toepassingsgebied van het decretale kader. Het begrip “Vlaamse overheidsinstantie” dient voortaan zeer ruim te worden geïnterpreteerd.

Verder moet volgend het decreet, om te bepalen welke publiciteitsmaatregelen passend en evenredig zijn, – net zoals in het Decreet van 30 november 2018 – rekening  worden gehouden met de waarde, toestand en ligging van het onroerend goed evenals de marktsituatie. De gepaste publiciteit zal met andere woorden afhangen van de concrete context van de transactie. Zo zal een openbare verkoop niet automatisch verplicht zijn. Ook kan bijvoorbeeld een marktbevraging, of een publieke bekendmaking via een officieel kanaal gepast zijn.

Tenslotte voorziet het decreet expliciet drie uitzonderingsgevallen waarin een zeer beperkte transparantie en mededinging kunnen volstaan, met name wanneer: 

  • de geschatte waarde van het te vervreemden onroerend goed of de volledige looptijd van het zakelijk recht lager ligt dan 37.500 euro;
  • de transactie plaats vindt ter verwezenlijking van doelstellingen van algemeen belang;
  • er redelijkerwijs aangenomen kan worden dat de transactie de economische en financiële belangen van de betrokken Vlaamse overheid ernstig zou kunnen schaden.

In deze gevallen zal het nog steeds mogelijk zijn om over te gaan tot een rechtstreekse onderhandse transactie.

4. Bevoegdheid van de Vlaamse Regering en parlementaire machtiging

Het decreet bepaalt dat de Vlaamse Regering bevoegd is voor publieke vastgoedtransacties inzake onroerende domeingoederen die in eigendom zijn van de Vlaamse Gemeenschap of het Vlaamse Gewest. Enkel indien de geschatte waarde van de transactie meer dan 10.000.000 euro bedraagt zal een voorafgaande toestemming van het Vlaams Parlement vereist zijn.

Opgelet: Het decreet is enkel van toepassing op Vlaams niveau. De vervreemding van federale domeingoederen valt vandaag nog altijd onder de verouderde wet van 31 mei 1923 betreffende de vervreemding van onroerende domeingoederen. 

Wenst u hierover meer informatie te ontvangen of bijgestaan te worden door de specialisten van Andersen in Belgium (voorheen Seeds of Law)? Aarzel dan niet ons te contacteren op +32 (0)2 747 40 07 of via info@be.Andersen.com.

tags
basisprincipes van gelijkheid, non-discriminatie en transparantie, onroerende domeingoederen, overheidsopdracht, overheidsopdrachtenwetgeving, passende en evenredige publiciteitsmaatregelen, publiciteit, publiciteitsverplichtingen, publieke vastgoedtransactie, transactie, transparantie, vlaamse overheidsinstantie, vlaamse overheidsinstanties

Meer weten over dit onderwerp?

Ik zoek een expert in

Zie meer artikelen

Het einde van de douanevrijstelling van 150 euro: de Europese Unie voert een forfaitair recht van 3 euro in op kleine zendingen

28.07.2026

Handels- en Economisch Recht, Andersen in Belgium

Het einde van de douanevrijstelling van 150 euro: de Europese Unie voert een forfaitair recht van 3 euro in op kleine zendingen

Sinds 1 juli 2026 geldt voor invoer van goederen met geringe waarde uit derde landen een nieuwe douaneregeling. Verordening (EU) 2026/382 van de Raad van 11 februari 2026 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1186/2009 wat betreft de afschaffing van de op een drempel gebaseerde vrijstelling van douanerechten, schaft de vrijstelling van invoerrechten voor zendingen met een intrinsieke waarde van minder dan € 150 af. Tegelijkertijd wordt, als overgangsmaatregel, in bepaalde gevallen een forfaitair douanerecht van € 3 per artikel ingevoerd. Deze hervorming vormt een van de eerste onderdelen van de ingrijpende hervorming van de Europese douane-unie die de Europese Commissie heeft opgestart om de douaneregels aan te passen aan de sterke groei van de wereldwijde e-commerce.

Lees het artikel »
Fiscaliteit van auteursrechten: afschaffing van de forfaitaire raming van kosten

10.07.2026

Fiscaal recht, Andersen in Belgium

Fiscaliteit van auteursrechten: afschaffing van de forfaitaire raming van kosten

De programmawet van 30 mei 2026 heeft - met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 - een voorwaarde toegevoegd aan de forfaitaire raming van de kosten die aftrekbaar zijn van de bruto-inkomsten uit auteursrechten en naburige rechten.

Lees het artikel »
De driemaalregel blijft overeind: Raad van State brengt duidelijkheid over huurdersselectie

08.07.2026

Vastgoed, Huur en Mede-eigendom, Andersen in Belgium

De driemaalregel blijft overeind: Raad van State brengt duidelijkheid over huurdersselectie

Mag een verhuurder een kandidaat-huurder weigeren omdat diens inkomen minder bedraagt dan drie keer de huurprijs? Die vraag staat al jaren centraal in het debat over discriminatie bij verhuur. In een arrest van 30 maart 2026 heeft de Raad van State zich voor het eerst expliciet uitgesproken over deze zogenaamde "driemaalregel". Het arrest biedt belangrijke verduidelijking voor verhuurders, vastgoedinvesteerders en vastgoedmakelaars. De Raad van State beslist niet dat de driemaalregel in alle omstandigheden automatisch toegelaten is. Wel oordeelt de Raad dat het hanteren van een inkomensvereiste van drie keer de huurprijs en lasten niet op zichzelf disproportioneel is en dus niet zonder meer als verboden discriminatie op grond van vermogen kan worden beschouwd.

Lees het artikel »
Sales zonder seizoenen? De Belgische Raad van State vernietigt het verbod om reclame te maken voor “sales” buiten de officiële soldenperiodes

08.07.2026

Handels- en Economisch Recht, Andersen in Belgium

Sales zonder seizoenen? De Belgische Raad van State vernietigt het verbod om reclame te maken voor “sales” buiten de officiële soldenperiodes

Op 20 mei 2026 heeft de Belgische Raad van State in drie richtinggevende arresten (nrs. 266.735, 266.736 en 266.737) geoordeeld dat het Belgische verbod om de termen soldes, solden, sales en Schlussverkauf te gebruiken buiten de wettelijke winter- en zomersoldenperiodes onverenigbaar is met het recht van de Europese Unie en niet langer kan worden gehandhaafd.

Lees het artikel »