Vanaf 1 januari 2022 bestaat er een nieuw wettelijk kader voor buitenlandse werknemers, bedrijfsleiders en onderzoekers die tijdelijk in België komen werken door detachering of rechtstreekse aanwerving. Voor deze datum bestond er slechts een regeling (geen wettelijk kader) die werd bepaald door een administratieve circulaire.

De programmawet van 27 december 2021 verankert eindelijk de wettelijke principes voor het fiscaal statuut van buitenlandse kaderleden en expats. Gevolg is dat deze werknemers op fiscaal vlak van een bijzonder statuut kunnen genieten.
De wet voert twee nieuwe fiscale (gunst)regimes in, nl. een “Bijzonder Belastingstelsel voor Ingekomen Belastingplichtigen” (BBIB) en een “Bijzonder Belastingstelsel voor Ingekomen Onderzoekers” (BBIO).
Het gaat om de volgende categorieën van (buitenlandse) werknemers:
Het betreft hier de volgende werknemers (of bedrijfsleiders):
Het betreft hier de volgende onderzoekers:
Dit stelsel is enkel van toepassing op werknemers en niet op bedrijfsleiders, in tegenstelling tot het BBIB systeem.
De volgende voorwaarden moeten bovendien cumulatief worden vervuld in hoofde van deze groep werknemers (BBIB en BBIO):
Een buitenlandse nationaliteit hebben is geen voorwaarde meer. Ook werknemers met de Belgische nationaliteit die voldoen aan de voorgaande voorwaarden komen in aanmerking.
Bovendien wordt er voor de ingekomen belastingplichtigen (stelsel BBIB) vereist dat zij een jaarlijks bruto-bezoldiging genieten van minimum 75.000 EUR voor de activiteiten die zij in België uitoefenen.
Voor ingekomen onderzoekers (stelsel BBIO) geldt deze minimum jaarlijkse bruto-bezoldiging niet. De onderzoeker moet wel (alleen of in groep) uitsluitend of hoofdzakelijk (min. voor 80% van de werktijd) onderzoeksactiviteiten verrichten met wetenschappelijk, fundamenteel, industrieel of technisch karakter, binnen een laboratorium dat of een onderneming die een of meerdere programma’s inzake onderzoek en ontwikkeling voert. Daarbij moet hij in het bezit zijn van een gespecialiseerd diploma (master of doctor) of een relevante beroepservaring van minstens 10 jaar kunnen aantonen.
Beide stelsels (BBIB en BBIO) vereisen dat de tewerkstelling in België van tijdelijke aard is. De duur van het bijzonder statuut bedraagt maximum 5 jaar en kan éénmalig met 3 jaar worden verlengd.
Het bijzonder statuut heeft vooral fiscale voordelen, namelijk:
Deze nieuwe regeling is opgenomen in het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 1992) en geldt zowel voor de personenbelasting (met alle fiscale verplichtingen van dien) als voor de inkomstenbelasting voor niet-ingezetenen (voor ingekomen onderzoekers die hun fiscale woonplaats in het buitenland behouden).
De RSZ communiceerde haar standpunt omtrent de niet belastbare onkostenvergoedingen in het kader van het nieuw bijzonder statuut.
Zij aanvaardt dat de reële en forfaitaire kosten die worden terugbetaald volgens het bijzonder statuut (BBIB en BBIO), vrijgesteld zijn van sociale bijdragen en aldus niet moeten worden opgenomen in de DmfA-aangifte.
Vanaf het eerste kwartaal van de tewerkstelling moeten de personen op wie dit bijzonder belastingstelsel van toepassing is, in de DmfA-aangifte aangeduid worden met een specifieke code.
Er werd eveneens voorzien in een opheffing van het oude belastingstelsel alsook in een overgangsregeling voor buitenlandse kaderleden die vóór 1 januari 2022 in België in dienst waren en genoten van het oude belastingstelsel. De overgangsregeling geldt tot en met 31 december 2023.
Buitenlandse kaderleden of onderzoekers die vanaf 1 januari 2022 wensen beroep te doen op het bijzonder statuut, kunnen enkel beroep doen op de nieuwe regeling (BBIB/BBIO).
Buitenlandse kaderleden of onderzoekers die voor 1 januari 2022 toetraden tot het oude stelsel, kunnen daar nog van genieten onder de volgende voorwaarden.
Onder de volgende voorwaarden kan men nog uitzonderlijk in 2022 een aanvraag indienen tot toepassing van het oud stelsel:
Het oude stelsel kan nog tot en met 31 december 2023 worden toegepast.
Bepaalde buitenlandse kaderleden en onderzoekers kunnen kiezen voor het nieuwe stelsel indien ze op 1 januari 2022 maximum 5 jaar in België verblijven en voldoen aan de voorwaarden van de nieuwe regeling.
Ook de werkgever die de nieuwe regeling verkiest, moet zijn aanvraag uiterlijk op 31 juli 2022 indienen.
De werkgever moet een elektronische aanvraag indienen bij de FOD Financiën binnen de 3 maanden nadat de werknemer of onderzoeker in dienst is getreden bij de werkgever in België.
Voor de werknemer of onderzoeker die verkiest om zijn fiscale woonplaats niet in België te vestigen, moet bij de aanvraag een attest worden gevoegd waaruit blijkt dat hij als fiscaal inwoner van een andere staat aan de inkomstenbelasting is onderworpen.
De administratie heeft vanaf dan 3 maanden de tijd om haar beslissing te nemen en mee te delen aan de betrokken werkgever en werknemer (of onderzoeker). Bij verandering van werkgever, moet er een nieuwe aanvraag ingediend worden.
Heeft u hierover nog bijkomende vragen, aarzel dan niet onze specialisten te contacteren op +32 2 747 40 07 of via info@be.andersen.com.
Ik zoek een expert in

01.10.2026
•Vastgoed, Huur en Mede-eigendom, Andersen in Belgium
Op 21 september 2026 verscheen in het Belgisch Staatsblad het koninklijk besluit van 20 juli 2026 tot goedkeuring van het nieuwe reglement van plichtenleer van het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars (BIV), beter bekend als de deontologische code. De nieuwe code treedt in werking op 1 oktober 2026, de dag waarop het reglement van 2018 wordt opgeheven.

29.09.2026
•Ruimtelijke Ordening en Milieu, Andersen in Belgium
Een ontwikkelaar die meebetaalt aan de opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) kan daarmee zijn vergunning op losse schroeven zetten. Dat blijkt uit een arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen van 17 september 2026. De uitspraak treft een praktijk die in heel Vlaanderen wijdverspreid is.

17.09.2026
•Ruimtelijke Ordening en Milieu, Andersen in Belgium
Niet-gouvernementele organisaties die zich inzetten voor bescherming van de menselijke gezondheid kunnen weldra, net als milieubeschermingsorganisaties, als ‘betrokken publiek’ optreden bij omgevingsvergunningen. Daarmee wordt de kring van organisaties die zich tegen een vergunningsbeslissing kunnen verzetten, uitgebreid. Dat geeft een nieuwe dimensie aan toekomstige vergunningsprocedures.

08.09.2026
•Vastgoed, Huur en Mede-eigendom, Andersen in Belgium
Verhuurt u een woning met ernstige kwaliteitsgebreken? Dan riskeert u strafrechtelijke vervolging. Vanaf vandaag worden de straffen voor krotverhuur aanzienlijk verhoogd. Een geldboete kan oplopen tot 800.000 euro bij verzwarende omstandigheden. Tegelijk krijgt de rechter meer ruimte om de straf af te stemmen op de ernst van de feiten.