Sinds 1 januari 2025 is nieuwe wetgeving van kracht om de btw-ketting (het mechanisme waarmee de btw wordt geïnd en aftrekbaar is in elke fase van de levering van een goed of de verrichting van een dienst aan een eindgebruiker) te vereenvoudigen en optimaliseren.

Het belangrijkste doel bestaat erin de procedures vlotter en efficiënter te laten verlopen, zowel voor de ondernemingen als voor de belastingadministratie. Hieronder vindt u een vergelijkende tabel met de belangrijkste maatregelen vóór en na de inwerkingtreding van deze nieuwe btw-wetgeving.
| Voor de invoering van de nieuwe btw-ketting | Na de invoering van de nieuwe btw-ketting | |
| Aangifte- en betalingstermijnen | ||
| Maandaangevers | Uiterste datum: de 20e van de maand volgend op het aangiftetijdvak | Uiterste datum: ongewijzigd |
| Kwartaalaangevers | Uiterste datum: de 20e van de maand volgend op het aangiftetijdvak | Uiterste datum: de 25e van de maand volgend op het aangiftetijdvak |
| Administratieve tolerantie | ||
| Vakantieregeling | Tolerantie voor de maanden juni en juli | Tolerantie afgeschaft (overgangspériode voor de zomer 2025) |
| Verlenging van de indieningstermijn tot de volgende werkdag | Uitstel van de indieningstermijn tot de volgende werkdag wanneer de laatste dag van de termijn een zaterdag, zondag of feestdag is voor maand- en kwartaalaangevers | Tolerantie gehandhaafd voor maandaangevers, afgeschaft voor kwartaalaangevers (vanaf 1 oktober 2025) |
| Correctie van een materiële fout in de periodieke aangifte | Mogelijkheid om een eerdere aangifte binnen 12 maanden via Intervat te overschrijven – vervanging van een nieuw saldo in het rooster [71] of [72] | Correctie van een materiële fout die na de aangiftetermijn wordt vastgesteld, moet in de volgende periodieke aangifte worden aangebracht |
| Vervangende btw-aangifte | Invoering van een procedure “vervangende aangifte” door de btw-administratie bij niet-indiening na 3 maanden: het hoogste btw-bedrag van de voorgaande 12 maanden of een minimumbedrag van 2.100 EUR wordt in rekening gebracht | |
| Verzoek om inlichtingen | Geen antwoordtermijn op een verzoek om inlichtingen | Antwoordtermijn van één maand (met mogelijkheid tot verlenging om wettige redenen), in bepaalde gevallen beperkt tot 10 dagen (bij een btw-teruggavecontrole en de rechten van de schatkist in het gedrang komen) |
| Een nieuwe provisierekening | Gebruik van de rekening courant | Vervanging van de rekening courant door de provisierekening die wordt gevoed door niet-terugbetaalde btw-kredieten en btw-vooruitbetalingen – gebruik door de FOD Financiën om btw -schulden te vereffenen |
| Teruggave van het BTW-krediet | Teruggaaf van het volledige saldo van de rekening courant via een aanvraag in de periodieke aangifte | Vanaf 1 oktobet 2025 teruggave beperkt tot het btw-tegoed dat in de periodieke aangifte is opgenomen (op voorwaarde van tijdige ad-hoc-aangifte en de aangiften betreffende de voorgaande 6 maanden, minimum van 50 EUR, tijdige mededeling van een rekeningnummer via E-604A of E-604B). |
| Boetes | Geen aangifte: 1.000 EUR per aangifte; Laattijdige aangifte: 100 EUR / maand met een maximum van 1.000 EUR; Geen proportionnele boete bij niet-betaling, behalve wanneer een speciale rekening werd geopend | Geen aangifte: 500 EUR tot 5.000 EUR per aangifte Laattijdige aangifte: 100 tot 500 EUR per maand Niet-betaling : proportionnele boete van 5% tot 15% |
| Ambtshalve aanslag | Vereist tussenkomst van de minister van Financiën of zijn vertegenwoordiger | Kan worden uitgevoerd door de btw-administratie zelf |
| Rekeningnummers en betalingswijzen | Btw-rekeningnummers voor rekening courant btw (ontvangsten Brussel) en buiten de rekening courant btw, afhankelijk van de maatschappelijke zetel van de belastingplichtige | Nieuwe rekeningnummers vanaf 1 oktober 2025: Betaling van de btw zonder executoriale titel: BE41 6792 0036 4210 Betaling van de btw na vaststelling van een executoriale titel: BE41 6792 0000 0054 Domiciliëring via bankoverschrijving beschikbaar vanaf begin 2026 |
Ik zoek een expert in

10.07.2026
•Fiscaal recht, Andersen in Belgium
De programmawet van 30 mei 2026 heeft - met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026 - een voorwaarde toegevoegd aan de forfaitaire raming van de kosten die aftrekbaar zijn van de bruto-inkomsten uit auteursrechten en naburige rechten.

08.07.2026
•Vastgoed, Huur en Mede-eigendom, Andersen in Belgium
Mag een verhuurder een kandidaat-huurder weigeren omdat diens inkomen minder bedraagt dan drie keer de huurprijs? Die vraag staat al jaren centraal in het debat over discriminatie bij verhuur. In een arrest van 30 maart 2026 heeft de Raad van State zich voor het eerst expliciet uitgesproken over deze zogenaamde "driemaalregel". Het arrest biedt belangrijke verduidelijking voor verhuurders, vastgoedinvesteerders en vastgoedmakelaars. De Raad van State beslist niet dat de driemaalregel in alle omstandigheden automatisch toegelaten is. Wel oordeelt de Raad dat het hanteren van een inkomensvereiste van drie keer de huurprijs en lasten niet op zichzelf disproportioneel is en dus niet zonder meer als verboden discriminatie op grond van vermogen kan worden beschouwd.

08.07.2026
•Handels- en Economisch Recht, Andersen in Belgium
Op 20 mei 2026 heeft de Belgische Raad van State in drie richtinggevende arresten (nrs. 266.735, 266.736 en 266.737) geoordeeld dat het Belgische verbod om de termen soldes, solden, sales en Schlussverkauf te gebruiken buiten de wettelijke winter- en zomersoldenperiodes onverenigbaar is met het recht van de Europese Unie en niet langer kan worden gehandhaafd.

23.06.2026
•Handels- en Economisch Recht, Andersen in Belgium
De groei van e-commerce heeft het consumentengedrag ingrijpend veranderd. Om onlineaankopen aan te moedigen, hebben retailers geleidelijk klantvriendelijke beleidsmaatregelen ingevoerd: gratis levering, gratis retourzendingen, langere retourtermijnen en terugbetalingen zonder opgave van reden.